Borra!  08/10/19

De zomer is weg. Af en toe piept de zon nog door een fragiel wolkendek maar de facto is het afscheid nemen van de warmte. Ik treur wat in mijn lijf en leden. Ik mis de hitte die tussen mijn spieren kruipt en zich ergens nestelt in mijn lijf. Ik vraag jou meer dan in de zomer of het geen knuffeltijd is. Jij zegt meestal van niet. ‘Ik ben toch aan’t spelen mama’, en je fronst daarbij je wenkbrauwen alsof een bruine beer je dat geleerd heeft.

Vorige week maakte je, dacht ik, je eerste grapje. Maar het was bloedernstig toen je zei dat je geen babysit wou want die zou op Sam gaan zitten.cas en sam

 

Vandaag ben je met je moeke naar de dierentuin geweest. Je hebt me wegwijs gemaakt in het grondplan van Planckendael. Je wist exact te vertellen dat de bizon die ik herkende op het plan, eigenlijk een dromedaris is, want één bult te bespeuren. De pinguïns kregen eten net op het moment dat jij voorbij liep. Je vertelt honderduit ’s avonds aan tafel. Je had frietjes gekregen van je moeke. En moeke had een broodje dat smost. Ik was zo jaloers.

Sam is helemaal niet in een dierentuin geweest vandaag. Ze surft op haar dagelijkse routine van kribbetijd. Voor Sam is het nog  elke dag een beetje Kerstmis. Jouw kleine zus laat zich het leven welgevallen op een manier die mij zelfs jaloers maakt. Die Sam leeft zo in het nu. Helemaal in haar kern. ‘No goeroe, no method, no teacher’. (Van Morisson, 1986)

Ze kijkt zo naar je op. Je hoeft niet veel te doen om haar gelukkig te maken. Je praat met haar en ze begrijpt jou.

Toen ik je vorige week vroeg: ‘Wat heb je vandaag gedaan in de turnles bij juf Katrien?’, antwoordde je gevat: ‘Borra-twjempel-ktrezip en daarna sjeeg, tsjambil, traski’ samen met Léan en ‘toen ging de bel en moesten we weer naar het klasje’. Ik repliceerde met geveinsde interesse dat het nogal eens een boeiende turnles was dan.

Daarna heb je met juf Nathalie geleerd over de monsters en hun gevoelens; je kwam thuis met een rode en een gele kroon. De ene zocht de boosheid op, de anders was gewoon blij. Je zet ze nog elke dag afwisselend een paar keer op.

En toen ik vroeg: “Leer je over gevoelens dan Casje op school”; zei je ernstig: ‘Ja, of ook over emoties’. En toen ik verder vroeg: ‘vertel es?’, zei je: ‘Borra-twjempel-ktrezip en  sjeeg, tsjambil, traski.

Borra!

 

Verre nabijheid – vakantie Lommel 26/07/2019

riddersDe voorbije zomer beslisten je moeke en ik om niet op vakantie te gaan. Althans niet meer in de vorm van de kaart lezen, zoeken naar welke bergen we kijken en hoe we eventueel toch aan een zee kunnen geraken. Je moeke verzandt soms in vakantie zonder ‘haar grote bad’.

We wilden deze zomer dicht bij elkaar zijn in Lommel, kortbij je Vake.

We zijn hier nu een week. De begrippen kortbij en veraf zuigen zich vol dezer dagen met nieuwe betekenissen. Bovendien meet de thermometer 47 graden in de zon. Als je in het zwembad samen met mij de temperatuur checkt van het water, lees ik 30 graden en jij affirmeert met het is 1u, tijd voor een chocolaatje.

Jij zwemt en duikt in je verbeelding. Je ontdekt in alle onschuld de streling van de beperkte stroming in het zwembad. Je eet ijsjes met alle gemak. Je onderhandelt kleine stukjes meloen en harde peer voor koekjes. Je bezwijkt onder de hitte en voert een drama op in drie bedrijven. Hoewel ik het regisseren als een ambacht bedrijf, verlies ik het van de onmacht omdat ik een eigenzinnige driejarige niet getroost krijg.

Je vake is fysiek zo veraf. Maar hij is er wel. De constructie die hij maakte om het zwembad te verwarmen draait niet. En toch… de zon verwatert het in 30 graden.

Je steekt elke ochtend met je moedie een kaarsje aan bij zijn foto. In de namiddag zie ik je het blussen met de brandweerauto van peter Bram. Je draagt zorg voor verkoeling. Je gaat ook zorgzaam om met het kasteel en de ridders van peter Bram. Je wapent heel secuur een ridder met het schild en de vlag van ‘De Leeuw van Vlaenderen’ alsof Hendrik Conscience opnieuw 1302 beleeft. In 1838 tekende het kwik 13 graden celcius. Conscience kreeg voldoende lucht om een verhitte strijd neer te schrijven.

Je koos samen met je nichtje Mona voor ‘Max en de maximonsters’ als avondverhaaltje.  Mona herkende de letter M. Jij vertelde honderduit over de monsters. Letters en strijd, twee driejarigen die me attenderen op het passé van de Morgen en de Standard.

En Sam zit. Fier rechtop observeert ze alles en als jij haar kijkveld passeert schaterlacht ze voluit. Jij benadert haar al boksend en ik hoor je moedie het vakemantra ‘jamaar, jamaar’ fluisteren en je bindt, in aangeboren zachtheid je geweld in. Sam palmt je moedie in op de speelmat, met kleine grijphandjes naar blaadjes en gras die ze robuust uit de droge grond trekt. Ze zoekt nabijheid en dan rolt ze weer abrupt weg. Als ik erbij kom zitten, zegt je moedie:  ‘Ze is ver in haar nabijheid’.

Ik lees in Karen Armstrong. ‘De verloren kunst van de heilige geschriften’ een citaat van William Blake, ‘Auguries of Innocence’ (1803)

“Een wereld zien in een korrel zand
En de hemel in een wilde bloem,
Oneindigheid vasthouden in de palm van je hand
en eeuwigheid in een uur.”

Opeens is de 19de eeuw een verre nabijheid.

 

Links of rechts? 21/06/2019

Links of rechts?   21/06/2019cas en sam

Bij hoge temperaturen in eigen land lijkt het broeierige van het zuiden niet zo ver weg. De 21 graden van vandaag orkestreren zachtjes en tegelijk scherp als violen de voorspelde hitte golf van volgende week. Dus dit leek me een uitgelezen dag om met jou naar zinvolheid te fietsen. We organiseerden ons richting bibliotheek. Nieuwe boeken kiezen, meer moet het soms niet zijn in het leven.

We ontmoeten elkaar op de speelplaats. Aan je hele lijfje merkbare sportdag op school vandaag. In je ogen vraagtekens: ‘Is er nog te beleven?’.  In mijn zen-zijn, pure toegankelijkheid. In mijn ooghoek gesticulerende “wuf Zathalie”: ‘Nog één weekje en dan vakantie’. Jij glimlacht naar de vrouw die me soms meesleurt in gezonde jaloezie en roept in je ingetogen verlegenheid: ‘ja… en dan zakantie’

Ik betrap me op stilte en niets zeggen.

We fietsen naar de bib. Onderweg hebben we discussie over links en rechts. Ik geef het op en geef je gelijk, rechts is links en omgekeerd. Wie weet het hier nog in dit land? Bib uitzonderlijk gesloten vandaag. Al mijn aanmoedigingen rond nieuwe boekjes kiezen en de daarbij horende verwachtingen los je flexibel op richting springkasteel op het pleintje in de charmante rijschoolstraat. Het is dus relatief die kinderliteratuur. De confrontatie is hard nadat ik vannacht ‘De hemel verslinden’ van Paulo Giordano verslonden had en eindeloos bleef hangen in de zin van het leven.

En ik bedenk me hoe gisteren de kinderliteratuur ons tot de essentie bracht. We lazen ‘Kikker is verliefd’ van Max Velthuijs. Kikker zijn hartje doet boem, boem, boem,…. Telkens als die zin komt, klop je zachtjes op je hart. Nu klopte je harder en daarna bleef je hand aarzelend op je borst hangen. Peinzend, filosofisch keek je me aan en zei: ‘Ik hoor Vake in mijn hartje. Hij wil eruit.’

In de crèche wacht ons een troosteloze Sam. Jij lost het op door afstand te nemen en overal goeiedag te gaan zeggen. Helemaal op het einde van de gang hoor ik je met kinderverzorgster Chris het heilige mantra: ‘Ola Pola, frit mè cola’ samenzweerderig zeggen. Je ontmoet bij het buitengaan Lean met zijn pappa en stapt gezwind met hen naar een pleintje vol muziek en speeltuig. Van de crèche naar Rock Werchter, het is een dunne lijn.

Eenmaal thuis entertain je Sam alsof je iets hebt goed te maken. Daarna eet je pizza voor een reeksje Paw Patrol als een puber die zich verveelt. Opeens roep je me om te tonen hoe je held ‘Chase’ rechts en links uitlegt. ‘Tja, hoe moet ik je dit uitleggen?’

Het draait allemaal om het juiste perspectief.Sam kijkt van jou naar mij en schijnt met een guitige glimlach jouw gelijk te bevestigen.

Vandaag titelde een ode aan je vake in Vos: ‘Te vroeg afscheid van een vredesapostel’. Vos schreef over je vake: ‘Als een soort vredesapostel kwam Vincent niet alleen inhoudelijk, maar ook in stijl vernieuwend uit de hoek. Immer bescheiden hechtte hij veel belang aan een goede teamgeest en wilde hij Vos sterker op de kaart zetten door voortdurend uit te spelen wat de VOSsen bindt.’ (Vos, jaargang 101, nr 6, juni 2019, Guy Leemans)

Als je de andere kant voelt is rechts inderdaad links.

 

Affituur en tjonketuur – Vaderdag Lommel 09/06/2019

cas en mona zandbak

Gisteren reden we onder ons drie richting Lommel. Sam sliep al als een roos toen we Leuven uitreden. Met jou heb ik nog een goed halfuur de bamba en de twist, de klassiekers dus doorgenomen in de auto. Tijdens het hilarische en nietszeggende ‘tingelingeling’ van Kapitein Winnokio koos je bewust, vermoed ik, voor diepgang en dus sliep je ook.

Je was helemaal in je element in Lommel. Alle aandacht van je lieve moedie voor jou alleen: bloemetjes planten in de regen, naar de kippen, naar hartenlust met een hamer kloppen en met een kleine bulldozer bergen aarde verzetten in een geïmproviseerde zandbak. Sam, rustig kijkend naar jou. Schaterlachend als je jabbertalkgewijs haar aanspreekt. Je verwacht nooit een antwoord van haar. Je vindt het voldoende als ze je optreden waardeert.

Ondertussen is je moeke richting Werchter Boutique. Ze is zo mooi in die natuurlijke biotoop van haar. Met haar vriendinnen, pintje bier en vingertje in de lucht eert ze heel andere klassiekers.  ‘I’ll stand by you, won’t let nobody hurt you’

Je  vreugde kan niet op als je nichtje Mona toekomt. Je spurt naar haar toe, zij naar jou en dan net voor de omhelzing lopen jullie elk weer, kirrend als jonge duiven, je eigen richting uit.

Alles wat oorspronkelijk is en echt spreidt zich op de heimat.

De dag vult zich met het nieuwe gras welkom heten, met twee kinderen in de kruiwagen, met boottochten en zandkastelen, met Sam die iedereen charmeert en met je vake in ieders hart.  Vaderdag in stille dankbaarheid.

cas en mona kruiwagen

Ik ontdek op deze heerlijke plek dat haar inwoners in harmonie complexloos zijn.

’s Ochtend aan de ontbijttafel vraagt Mona een boterham met affituur.  “Neen, Mona”, hoor ik je corrigeren: “het is tjonketuur”.

Zoals ik al zei, oorspronkelijk en echt dus.

Harten troef! – 20/05/2019

IMG_7037

Op 14 april, palmzondag doopte mijn goede vriend pater Jan jouw zusje Sam in onze tuin. Het werd nog een zonnige dag uiteindelijk. Mensen kozen bloemen uit voor Sam. Elke bloem geurde nieuwe betekenis in haar kleine, beginnende leven. Jouw vake hertekende de blijde intrede van Jezus, 2000 jaar geleden in Jeruzalem naar de blijde intrede van Sam in Heverlee en juichte, gesierd met zijn guitige blik, hoera en HoSAMma, in den hoge!

De afgelopen drie jaar onderhield jouw vake ernstige en soms luchtige gesprekken met meneer Kahler. Meestal kon je vake, met de mildheid  die hem eigen was meneer K. op andere ideeën brengen. Maar zaterdag, 11 mei had meneer Kahler het laatste woord. Jouw vake, je grote held ging rustig, omringd door Moedie, tante Tinne, tante Lies, peter Bram en je moeke naar het eeuwige elders. In felle liefde. In zoute tranen. In tedere glimlach.

Nu moest het ernstige gesprek met jou beginnen. “Waar is vake nou? Waar is ie dan?”, vroeg je telkens weer. Je nichtje Mona stelde dezelfde existentiële vraag. We probeerden eerlijk te zeggen dat hij er niet meer is. “Dood. Wat is dat dan?”. “Dat is plat” zei Mona, “zoals de wants”. “Is vake plat nu?”, vroeg je. Mona en jij keken stilzwijgend naar elkaar, een duidelijk teken dat jullie het begrepen hadden en liepen toen samen naar de schommel.

Samen schreven jullie verhaal deze week. Het verhaal van helden en vrede. Het verhaal van dikke duimen, kleine steentjes en veldbloemen. Jij en Mona, vitamientjes van jullie vake waren dat deze week voor ons. Bakken kracht brachten jullie mee, zweefkusjes en tranen, knuffels waar nodig.

Sam koos zorgvuldig lachebekkend haar moment om iedereen te vertederen en rust te schenken. Zo juist dat ze die momenten koos, dat kleine ding. HoSAMma in den hoge! Verdriet kent ook zijn vreugdes.

Af en toe hebben wij, omdat we niet meer wilden denken, niet meer wilden praten en niet meer konden wenen een kaartje gelegd. Verdriet kent ook zijn pauzes.

Vrijdag, 17 mei kwamen bijna zeshonderd mensen je vake een laatste groet brengen. In die groet huisden verhalen van liefde en dankbaarheid.  Jouw vake, de blijvende zoeker naar het mooie in de mens, de constructeur van verbinding, de inspirator van een ministerie voor de vrede, de authentieke partner van de kwetsbare mens blijft eeuwig verder leven.

Je verliest het spel, meneer Kahler.

Harten is troef!

 

Over kathedralen en bijen – 23/04/2019

Op 07 december 2018 keek Sinterklaas nog even over zijn schouder, gooide zwarte Piet nog een handvol niknakken door het raam en tussen al die zoete koekjes lag jouw dappere zusje Sam!

 

Je moeke en ik fietsten die dag geheel ontspannen naar het ziekenhuis om te kijken of alles goed was met die kleine Sam genesteld in de buik van je moeke. We zouden ons daarna nog gezellig een middagje rust gunnen op een terras in de stad. Maar die kleine Sam had andere plannen en wou meteen de wereld in. Je moeke, die normaal gezien toch een halve dag nodig heeft om zich te schikken als een bloem in een ruiker van verandering, werd opeens de flexibiliteit zelve. Wat kan ze me toch verwonderen. ‘Wat een wonder van een vrouw’, zingt Stef Bos.

We kenden de bedrijvige bijenkorf van het Heilig Hart al wel maar nu stormden ze als wilde darren op ons af. Terwijl een van de darren mij een groene jas aanmat probeerde ik te zorgen dat iemand jou veilig kon ophalen bij de “wuffen”. Op de briefing van de bijen werden we ‘het koppel dat met de fiets gekomen was’.

Het is een mirakel hoe die bijen zo precies weten wat te doen en wat iedereen nodig heeft om geboren te worden.

Als een ridder gezadeld achterop mijn fiets wou je snel naar het ziekenhuis. Ik heb de stilte in je stem toen je je zusje zag nooit meer gehoord nadien. Je glimlachte en werd door je voorzichtige aai op haar wang opnieuw het wonder van de pasgeborene.

We zijn nu vier maanden verder. Je zusje Sam kijkt nu al naar je op. Ze lacht met jou en naar jou. Hoewel je vandaag op haar ging zitten met ogen van een doorwinterde deugniet kijk je vaak vertederend in haar richting alsof je haar wenst te feliciteren met haar ‘joi de vivre’.

Kathedralen van troost zijn jullie beiden in mijn leven.

Een brand heeft midden april de wereldberoemde Notre-Dame aan de Seine gedeeltelijk verwoest. Liefst 180.000 bijen die in de kathedraal woonden hebben de vuurzee overleefd.

“Een Mirakel”

De wuffen 27/12/2018

    school       Sinds kort spelen er nog twee andere vrouwen een hoofdrol in je leven. Ze nemen heel wat van je tijd in beslag en je vindt alles aan hen leuk.

Je noemt ze gewoon ‘de wuffen’.

“Wuf Wendy is heel lief” herhaal je een paar keer voor het slapen gaan. En wuf Zathalie kan niet verstoppen dat ze jou ook heel lief vindt.

Je moeke en ik kijken toe hoe twee andere vrouwen je hart veroveren. We staan versteld hoe je elke morgen gezwind naar school toe gaat. Met een positieve kijk op de wereld zadel je jezelf op mijn fiets, gewapend met woef tegen je gezicht want dan kan de wind ons niet pakken. Je wil niet te laat komen voor ‘de kring’ want daar slaan de wuffen bij het ochtendgloren de benen al dansend uit. Het leven begint daar met een glimlach en een danspas.

Op de speelplaats heb je warme William, de troostbeer  al afgedankt voor bewezen diensten. Je schrikt nog wel van elk vreemd geluid en elke verandering in de school gun je met een kleine pruillip het voordeel van de twijfel. Voor de zekerheid zet je toch maar je koptelefoon op je oren als de wuffen, met foute kerstkledij,  het feestgedruis op gang trekken in een veel te grote en ongezellige zaal. Tegen beter weten in zing ik enthousiast de jingle bells naar hogere sferen. Geen kerstekind te bespeuren in dit schoolse tafereel.

Alleen die glimlach en een danspas.

Boer Cas – 03/11/2018

De vroedvrouw, een goedbedoeld element in onze kosmos vanaf nu, vroeg je vanmiddag: “Wat ga je doen straks Casje?”. Je antwoordde heel juist: “Groentjes plukken op’t veld”.

Er zijn nog zekerheden in het leven.

Gisteren dook je sierlijk en luidkeels in ons bed, je sloeg je kleine armen naar links en daarna naar rechts en herbenoemde ons bed tot ‘zwembed’. De dino met ontbrekende poot, die je van je moedi mocht meepakken van Lommel naar Leuven, werd prompt getuige van het zwembedgebeuren.

Je drukt je stempel door je kleine drukte te laten indringen in onze gesprekken. Sinds kort kunnen je moeke en ik geen volledige zin meer tegen elkaar zeggen. Begrijpelijk want die kleine baby in de buik van je moeke zit sowieso al tussen ons in. Je varieert daarom maar op het thema. ‘Alle eendjes zwemmen in het water”. Ze zingen zich vlot een aanvaardbare weg naar “alle kikkers en alle vogels en alle miertjes”. Je probeert zelfs alle ‘vlootjes’ die je onlangs leerde kennen door Lieve in een boekje over een kaboutermuts.

Terwijl jij onbevangen in het nu leeft, surf ik tegen beter weten in op facebook. En ik lees dat een aantal van ‘mijn vrienden’ polariserende bagger ‘leuk’ vinden.

’t Ja, groentjes plukken op’t veld’. Ik plukte met jou vandaag 300 grammen sperzieboontjes en die kennen ze in alle culturen op de wereld. Daarnaast, helaas, zijn bonen onder vochtige omstandigheden ook vatbaar voor grauwe schimmel. Laat ons het daar maar bij houden zeker.

Er zijn nog zekerheden in het leven

Wat jij doen? – 16/10/2018

“Mama, wat jij doen?” Sinds je de vraagvorm hebt ontdekt klinkt er meer reflectie door in het leven. Wel tien keer per dag dwing je me om stil te staan en me af te vragen wat ik precies aan het doen ben.

Confronterende kleine journalist.

Ik weet meestal wel wat te zeggen: ‘ik maak eten voor jou, ik fiets naar de kribbe, ik check of Mohammed Ridouani onze nieuwe burgemeester wordt, ik denk na, ik praat met Moeke, …. ”Jij blijkt het allemaal even boeiend te vinden. Alleen dat praten met Moeke dient onderbroken te worden met een nieuwe tussenkomst: “Moeke, wat jij doen?”

Toen ik de vraag terugkaatste vanmorgen op de fiets: “Casje, wat doe je?”, antwoordde je gevat: “Casje oppe fiets” en kort daarna bij het huis met de gele bloemetjes, als in een enthousiast en honkvast ritueel:  “Hier woont Micha en Akin”.

Micha,  Vlaamse vrouw met Duitse roots. Akin, Vlaamse Turk of Turkse Vlaming (dat moet ik hem eens vragen). Allebei schatten van mensen en dierbare vrienden. En tegenover hun huis een affiche van Mohammed. “Ik prijs me gelukkig in Motown met jou achterop de fiets”.

Verbinden en versterken, jij kan het als de beste, mijn zoon.  Blijf maar de kleine journalist die ten huize Mazarese-Vanhumbeeck de vinger aan de pols houdt.

“Mama, wat jij doen?”

wandelen cas

 

Merci coucou – Frankrijk 29/07/2018

frankrijkJe leeft zo kort bij de grond. Een mier in Frankrijk blijkt evenzeer de moeite om voor door de knieën te gaan, observatiemateriaal wat ook gewoon in België te vinden is. Je lacht dezelfde guitige glimlach als je je voetje erop zet en kordaat zegt: ‘Die is dood’. Je moeke en ik reden dus een kleine 900 kilometer om dit te mogen beleven. Ik herval samen met jou in Belgische gewoontes. Ik drink een biertje en doe de zoveelste poging om niet te roken.

En toch zijn er kleine verschillen: het bier is van een bedenkelijke kwaliteit, we meten 35 graden in de zon en smelten weg, meer dan door jou alleen deze keer. Onze buren, het luidruchtige cliché van de Nederlanders, het bestaat dus: de camping is van hen, ze praten niet maar brullen, ze hebben geen waxinelichtje zoals wij maar spannen een grote TL lamp boven hun tenten die discogewijs van kleur verandert bij elke brul die ze laten. Hun muziek is geen kleine ukelele maar een technomix op Andre Hazes. “Want zij gelooft in mij…” Deze versie gaat zelfs mij een brug te ver. Bovendien vinden ze alles leuk. En gezellig ook. Ik zoek naar rust. Ik vind die bij jou slapend lijfje.

Ik leer jou om dankjewel te zeggen tegen de inwoners van Frankrijk. Je wil het kunnen, dus telkens je een Fransvrouw ziet, kijk je schalks in mijn richting met de woorden: ‘Merci coucou.’ Zij smelt.

’s Avonds daalt de temperatuur een beetje. Achter onze tent vieren de Fransen ‘iets’. Ze leven zich uit op de meest foute muziek. Jij danst sierlijk zolang niemand naar je kijkt. Ik vergeet op slag de plastieken eenhoorn die ik vanmiddag in het zwembad door een wild kind in de oren geduwd kreeg. Ik erger me nu precies minder aan vliegen in mijn bord en dreigende bijen, venijnig met hun staart richting mensenhuid.

Zolang jij danst, vergeet ik ook even dat je moeke met baby in de buik zich wat omsluit in haar eigen gekende stilte, dat je vake weer geveld wordt door koorts en dat de lieve Inge, van wie je je duplo’s kreeg het leven moedig verlaat. Ze is een mooi en krachtig mens die merci zegt tegen het leven. Merci coucou.

Vanavond reed ik na 500 kilometers ‘molletje kijken’ het gloeiend hete asfalt van Leuven op, en bij de voordeur zei je simpelweg: ‘Hier zijn we weer!’

Merci coucou.