Net voor de kerstvakantie sijpelde het langzaam door maar wij begrepen het niet ten volle. Toen je moeke je afhaalde van school bleef je onrustig drentelend op de gang. De onbeslistheid van het leven draaiend in rondjes. Je bent zo duidelijk een kind van je moeke. Je wou nog terug naar de klas, juf Nathalie nog een kusje geven.

’s Avonds aan tafel vertelde je me dit verhaal met de extra toevoeging dat je juf Wendy ook nog wou knuffelen. Overduidelijk gelukkig zijn, stralen, er bestaat niets anders meer in jouw wereld als je juf Nathalie ziet.
Ik had nooit gedacht jaloers te kunnen zijn op een driejarig jongetje.
Vanaf toen vroeg je me elke dag of het woensdag was terwijl we naar school fietste. Op woensdag is juf Nathalie er niet. Ik verberg mijn jaloersheid achter een vraag. ‘Wat is dat eigenlijk Casje, verliefd zijn?’ Jouw antwoord leerde me om te aanvaarden. ‘Dat is dat je altijd in de buurt wil zijn.’
Liefde is de sterkste van alle passies. Liefde valt tegelijkertijd het hoofd, het hart en de zintuigen aan (Lao Tzu)